De Gulden Snede

Er bestaat in de natuur een algemeen bekende wiskundige verhouding – van 1 tot 1.68 – met verschillende namen.

De bekendste hiervan luidt de “Gulden Snede”: Bij de gulden snede verhoudt het grootste van de twee delen zich tot het kleinste, zoals het gehele lijnstuk zich verhoudt tot het grootste.

De Gulden Snede is dus in principe een natuurwet: de verhouding komt zeer vaak voor in de natuur maar wordt ook zeer veel in de kunst gebruikt. Oorspronkelijk ontwikkeld door Euclides, werd het principe beroemd door de tekening ‘La Divina Proporzione’ (de goddelijke verhouding) van Leonardo De Vinci uit 1509.

    

In essentie zegt deze wet dat twee ongelijke delen van een geheel ten opzichte van elkaar een bepaalde verhouding moeten hebben om een bevallig beeld voor het oog te creëren. Numeriek uitgedrukt is de Gulden Snede 1.618034… ofte 38 % tegenover 62%. Deze verhouding komt in het hele leven terug en kan beschouwd worden al de ideale verhouding tussen twee objecten of twee delen van een geheel.

Bonsai and the Golden Section         Bonsai and the Golden Section

Normaal wordt de Gulden Snede voorgesteld als één enkele rechthoek, die gevormd wordt door een vierkant en een rechthoek. Het unieke hieraan is dat de opdeling en vooral de verhouding van het vierkant ten opzichte van de kleinere rechthoek oneindig herhaald kan worden. Als je het grote vierkant wegneemt, blijft er een Gulden Rechthoek over, die opnieuw volgens hetzelfde principe in een vierkant en rechthoek kan opgedeeld worden.

De bovenstaande beelden tonen eerst de Gulden Rechthoek, waarbij er een opdeling op basis van de Gulden Snede (62% - 38%) gebeurt. Daarenboven bestaat ook nog de Gulden Spiraal, die gekenmerkt wordt door de verbinding van de overstaande hoeken in de Gulden Rechthoek. Juist deze spiraal vindt men zeer vaak terug in de natuur, zoals bijvoorbeeld in zeeschelpen en planten.

De wiskundige verhouding volgens de Gulden Snede komt ook in het dagdagelijkse leven voor: de verhouding van de voorarm tegenover de bovenarm is 62%/38% en dezelfde verhouding is er tussen de voorarm en de hand. Het menselijke gezicht is volgens deze verhouding samengesteld: de verhouding tussen de ogen, de neus, de mond en de oren is volledig op de Gulden Snede gebaseerd.

Verder voelt (bewust of onbewust) herkenning van de Gulden Snede in artistieke en andere expressies “goed” aan voor het oog en brengt die op die manier een gevoel van voldoening en harmonie in de uitbeelding tot stand.

De verhouding van de Gulden Snede kan ook teruggevonden worden in de reeks van Fibonacci: een reeks van cijfers en nummers waarbij het volgende nummer steeds de som is van de twee voorgaande: 1 1 2 3 5 8 13 21 34 55 89 etc.

De verhouding van twee opeenvolgende nummers in deze reeks is ongeveer die van de Gulden Snede.

0+1=1
1+1=2
1+2=3
2+3=5
3+5=8 ...


Deze cijfers en de verhouding volgens de Gulden Snede komen in de natuur overal voor: bij voorbeeld heeft de roos een spiraal van 3 blaadjes in een richting en 5 in een andere richting.

TERUG NAAR DIVINA  DESIGN 

Taste The Concept